Ahhhh... nog even over de Transportgang dan. Ik vraag me dus echt af of er ook verkeersregels voor voetgangers bestaan. Op zaterdagmiddag in de Kalverstraat in ieder geval níet heb ik gemerkt. Doordat iedereen maar kriskras van de linker- naar de rechteretalage zwalkt lijkt het meer op flipperen dan op lopen. Dan dribbel je vlak achter iemand aan, gewoon omdat-ie niet sneller gaat en dan wil je die persoon inhalen, netjes over links en ineens slaat die persoon linksaf bijvoorbeeld. Zomaar. Zonder in de binnenspiegel te kijken, zonder knipperlicht of uitgestoken hand, helemaal niks. Of nou ja, zomaar... omdat er links een aanbieding is natuurlijk. Of erg leuke schoenen. Dan moet je dus van goede huize komen om op tijd stil te staan. 't Is dat ik schoenen met een hele korte remweg heb. Maar goed, in het algemeen loopt de Nederlander netjes aan de rechterkant over straat. Maar hoe zit dat in eigenlijk in Engeland? Lopen ze daar links? En als twee mensen elkaar op straat (of in bijvoorbeeld een transportgang) willen passeren, wijkt men dan uit naar links of naar rechts?
De Transportgang is een lange.. euh.. gang die hier in het bedrijf de fabriekshallen, kantoorvleugels en magazijnen met elkaar verbindt. En de kantine. Nu moet ik, om van de ontwikkelafdeling (ze weigeren dat hier gelukkig nog steeds ‘àrrr-en-díe’ te noemen) naar de kantine (dat ze hier eufemistisch ‘het bedrijfsrestaurant’ noemen) te komen, de hele Transportgang doorwandelen. Heerlijk, even de benen strekken, denkt u. Maar helaas is de waarheid een stuk grimmiger; dit is namelijk het domein van de heftruckchauffeurs, ook wel de cowboys van de Transportgang genoemd. Hun overredingskracht: een mobiel stuk staal van 1000 kilo met een grote vork aan de voorkant. Hun communicatieve vaardigheden: een luidruchtige claxon en een grote bek. U mag van geluk spreken dat ik mijn lunchpauze ook vandaag weer overleefd heb, anders had u nu niks te lezen gehad!
Het heeft niet veel zin om over de invallende herfst of de ontvallende André H. te schrijven. Allebei onvermijdelijke onderwerpen; ik ga daar mijn mening niet meer aan toevoegen. In plaats daarvan vraag ik me al een tijdje af waar de échte publieke verontwaardiging is gebleven. De bezuinigingen. Natuurlijk! Alleen al het motto van de protestmanifestatie van aanstaande zaterdag — Stop de Afbraak, Keer het Tij — brengt ons helemaal terug in 1983. Maar waar zijn dan toch de kernraketten en de zure regen gebleven?
Het is even na acht uur 's morgens als het ploegje roeiers — zeven in getal — zich heeft verzameld in Breda. Zoals gewoonlijk zijn we bijeengekomen om per boot het ruime sop te kiezen. Vandaag zijn we uitgenodigd op de Phynella die toebehoort aan N. en H. en die met haar 12.10 meter ongeveer anderhalve meter korter is dan een standaard gestuurde dubbelvier. De Phynella is dan ook geen roei- maar een zeilboot; een bermuda getuigde zeilkotter om precies te zijn. De thuishaven van deze Engelse dame (ze is van 1937) is Yerseke op Zuid-Beveland maar ze ligt nu in de jachthaven Roompot aan de zuidoever van de Oosterscheldekering.
We rijden met twee auto's naar Yerseke, laten er daar een staan en rijden met de andere door naar de Roompot. Hier zoeken we de boot op die aan de verst verwijderde pier rustig ligt te dobberen. Omdat bijna niemand zeilervaring heeft legt kapitein N. het allemaal rustig uit. Er wordt niet veel van ons matrozen verwacht, maar natuurlijk is het gewoon leuk om mee te helpen. Maar dat is zo simpel nog niet; zo wordt er aan boord een vreemd soort Nederlands gesproken. Een touw heet een val of een schoot, het schip heeft een lij- en loefzijde en kikkers blijken géén kwakende groene beestjes. We moeten onthouden welk zeil een stag, een fok of een kluiver is en dat je bij het gijpen op je hoofd moet letten. Best ingewikkeld nog...
Maar de kapitein en zijn vrouw houden de touwtjes — en de regie — strak in handen. Na de voorbereidende werkzaamheden vaart de Phynella met een rustig gangetje op de motor de haven uit, de weidse halfbewokte Oosterschelde op. Eenmaal buitengaats worden grootzeil, fokzeil en kluiver gehesen en gaat het schip heerlijk ‘in de wind hangen’. De windkracht is drie, hoogstens vier Beaufort en dat staat garant voor een bescheiden maar prettige zeilsnelheid van vijf à zes knopen. D. heeft cake en kruidkoek gebakken en dat laten we ons goed smaken. Maar lang stilzitten is er niet bij: N. heeft bedacht dat alle zeilen aan de beurt moeten komen en legt uit hoe het spinaker moet wordt opgetuigd. Een spinaker is een dun, bol zeil dat helemaal voor aan het schip hangt. Kluiver en fok gaan eraf. Er wordt hard gewerkt en de kapitein is warempel bijna tevreden!

We zijn al oploevend langs de stormvloedkering gevaren, Neeltje Jans gepasseerd en buigen vervolgens af om onder de wal van Duiveland richting de imposante Zeelandbrug te varen. De plompe toren is ons baken, daarna de kerk van Zierikzee. Ter hoogte van dit stadje spotten we op enkele meters van de boot zelfs een sierlijke dolfijn! We hebben inmiddels wind en stroming mee en de Phynella bereikt een snelheid van acht knopen! We maken zo veel snelheid dat we nog nèt de ophaalbrug van drie uur halen zodat de Zeelandbrug snel achter ons ligt. Vanaf hier zet de stuurman koers richting Zuid-Beveland. Het blijft uitstekend weer, er is soep met brood en er worden sterke roei- en zeilanekdotes uitgewisseld. Het is goed toeven op de Oosterschelde.
Rond vijf uur lopen we de kleine jachthaven van Yerseke binnen waar een deel van de bemanning de zeilen opvouwt, schoten vastzet, opruimt en afwast. Twee dames gaan ondertussen de tweede auto bij het vertrekpunt ophalen en een uur later is de ploeg weer compleet. We sluiten deze bijzonder geslaagde zeildag af met een smakelijke vismaaltijd in het dorp en rijden laat in de avond weer naar terug naar Breda.
Vanochtend zag het er hier best goed uit: bewolkt met af en toe flink wat zon. Maar toen ik rond 14:00 uur vanuit de drukke stationshal het Weena opliep was Rotterdam in muisgrijs gehuld. Hop! daar ging al één reden om hier aanwezig te zijn: foto's maken van de magnifieke Rotterdamse skyline. De andere reden was sportief van aard, want het blijft een enorme uitdaging om per trap naar de hoogste etage van het hoogste gebouw van Nederland te rennen... nou ja... lopen... euh strompelen.
Vorig jaar had ik een aardige hardloopconditie, dit jaar helemaal niet dus dat ging nog spannend worden. Maar had ik mezelf dan niet een doel gesteld? Sneller dan vorig jaar (11:32.8), in ieder geval onder de elf minuten? Affijn, flexibel als ik ben had ik mijn doel vóór de start al wat bijgesteld: bóven komen, hoe dan ook! Zo, dat liep alvast wat rustiger. Eerst twee rondjes in de winderige kou rond het kantoorgebouw en dan naar binnen waar je met de roltrap omhoog kunt. Euh.. sorry, óver de roltrap want die staat hartstikke stil. Jawel, expres dus hè!?
Daarachter ligt het trappenhuis met daarin exact 745 stuks treden. Ik begin aan de eerste paar in vrolijke draf maar ik groet ter hoogte van de twintigste etage de man met de hamer. Hij vertelt op onverbiddellijke wijze dat ik niet goed bezig ben. Hij adviseert met klem om rustiger aan te doen. En ik gehoorzaam want naar een man met een hamer van dit formaat moet je altijd luisteren. Altijd. Ik loop inmiddels bijna als laatste van mijn pool, nog maar een paar mensen heb ik onder mij. Maar het gaat goed: ik ga boven komen!

En dan ineens: finish! Applaus! Bananen en andere fruitsoorten en veel drinken zijn hier op de ‘37e’ mijn deel. En natuurlijk het uitzicht! De Erasmusbrug, de Euromast en de wolkenkrabbers van Millennium- tot Weenatoren en veel meer. In de stromende regen, dat wel... Mijn tijd? Slechts 10 sekonden langzamer dan vorig jaar, maar de rest liep sneller, veel sneller. In het eindklassement was 92% van de deelnemers sneller dan ik. Joost Blokland liep zijn eigen record aan stukken en deed het in de snelste tijd ooit: 6:34.2 Wat een prestatie!
De nieuwe bedrijfsslogan van Philips — Sense and Simplicity — deed me onmiddellijk denken aan de bijna gelijkluidende titel van een Blackadder-aflevering. Maar goed: alles is beter dan Let‘s make things better, toch?

Inderdaad, deze week lijkt Heuvelachtig wel een heuse fotolog! Vandaag een plaatje van afgelopen zaterdag, toen we het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen bezochten. Check voor méér plaatjes het laatste fotoalbum.

Kom op: je kunt het, zon!

De zon kruipt in mijn oren
En kriebelt in mijn snor
En tussen al mijn haren
Tot ik zo soezig word
Dat ik niet meer kan zeggen
Waarvan ik ben gemaakt:
Van poes, van zon, van kriebel?
't Is door elkaar geraakt.
(Harriët Laurey)
Dag, lieve Snoet. Je bent nu een echte zonnepoes geworden.
Een dikke knuffel van Marieke.
Zo jong en dan al aan de kant van de weg... Ik zag ze een paar maanden geleden; het waren er ongeveer tien. Meiden van een jaar of achttien, niet veel ouder. Er zaten ook een paar jongens tussen. Weemoedig keken ze naar de passerende auto's. Afgestompt en moe. Ze hadden een notitieblok waarop ze turfden. Bij iedere passage van een stuk blik ging hun potlood naar beneden en maakte een felle korte beweging op het papier.
Dat was een paar maanden geleden. Nu kwam eindelijk de aap uit de mouw. De verkeerstellingen van voor de zomer hebben hoogstwaarschijnlijk de doorslag gegeven. Het aantal auto's op deze uitvalsweg is flink toegenomen, er staat nu bijna dagelijks een flinke file. En dan wordt volgens de statistieken een reclamebord van de duurste soort ineens rendabel. Voor de jongens van de buitendienst was dit seriewerk; één dag en het ding stond overeind.

De eerste reclame die erin hangt is er een van de nieuwe BMW 1-serie die volgende week uitkomt. Ik heb 't even voor u opgezocht: de kleinste motoruitvoering — de 116i — heeft een topsnelheid van 200 kilometer per uur.
Hoewel geen officiële aardrijkskundige naam, is Krijtland de geologische aanduiding voor het kalkstenen plateau dat het grootste deel van Zuid-Limburg beslaat. Het Krijtlandpad is een 90 kilometer lange wandeling door dalen en over heuvels, door dorpjes en bossen. Dit enige 'bergachtige' lange-afstand-wandelpad van Nederland hebben we in twee delen afgelegd, het eerste stuk van Maastricht tot Slenaken in het voorjaar, het tweede stuk van Slenaken, via Vaals naar Maastricht afgelopen weekend. Een bloemlezing van foto's staat nu op deze site. Later volgt nog een uitgebreid wandelverslag.
Pfieuw! Ik ben er weer zeg maar. Nou ja, ik wás er wel, maar ook weer niet snap je? Er kwam telefoonterreur, onenig- en boosheid aan te pas namelijk. Lang verhaal. Monteur kwam niet: boze Dim! Monteur kan pas volgende week langskomen. Nog bozere Dim. Was niks aan te doen. Zeiden ze. Maar na nog meer telefoongeweld wilden ze uiteindelijk toch nog naar mijn huis rijden om te kijken of het probleem — héééél erg misschien — in het kastje zat dat op straat stond. Maar waarschijnlijk niet, dachten ze! Nou, dus wel hè! Ik ga nu lekker de hele avond Philip Freriks kijken en dingen downloaden. Gna!
Mja. Okee dan. Ik mis de televisie best wel. Ik begin zelfs Philip Freriks — alias de Hakkelaar — te missen! Sinds vorige week donderdag heb ik namelijk geen televisieontvangst meer. Kabelbreuk, signaalversterker kapot, zoiets. Erger is natuurlijk dat internet het ook niet meer doet. Kun je dan niet fijn naar de radio luisteren, woeeeiii!? Nee, Ernie! Maar vandaag zal een hele vaardige cable repair man (m/v) langskomen om mij weer op de wereld aan te sluiten. Hopen dat het lukt.
Ingrediënten:
4 dagen lekker weer
1 knusse caravan
65 kilometer Krijtlandpad
100 à 150 heuvels
Een dozijn pittoreske dorpjes
8 flinke punten Limburgse vlaai, eventueel met slagroom
2 geheugenkaartjes voor digitale foto's
appels, boterhammen en mueslirepen naar behoefte
Bereiding:
Laat de caravan op een strategische plek in Zuid Limburg zetten. Neem vervolgens het Krijtlandpad en verdeel die over vier dagen, te beginnen met een flinke afstand op de eerste en wat minder op de overige dagen. Wandel nu in een rustig tempo gedurende de eerste dag over het pad. Geniet van de prachtige heuvellandschappen en stop regelmatig voor foto's, een appel of een boterham. Vergeet niet onderweg uitspanningen aan te doen voor koffie met vlaai. Aan het einde van de dag keer terug naar de caravan, bereid een lekker maaltje en rust wat uit. Ga op tijd naar bed. Herhaal deze handelwijze nog drie maal op de resterende dagen. Maak het geheel af met een torenbeklimming, een rodelafdaling of een grotwandeling. Smakelijk!
Je kunt maar beter geen risico nemen zeg ik altijd. Zeker als het om je gezondheid gaat. Dus zodadelijk ga ik even naar mijn huisarts voor een inenting tegen Hepatitis A. En daarna met een gerust hart naar Zuid-Limburg. Vier dagen wandelen, kamperen, vlaai eten, dat soort dingetjes. Inderdaad, het is daar vrij heuvelachtig haha!
Gisteren was ik in de Dierenwinkel want het zat namelijk zo ik had een nieuw filter voor de poes nodig. Nou ja, voor de bak van de poes dan. Dus ik loop naar een geblondeerde vrouw die in de hoek haar nagels stond te vijlen. Het zou ook kunnen dat ze haar nagels stond te veilen, maar ik denk dat dat niet zo hard gaat lopen als ik haar nagels zo zag. Maar goed. Het poezenbakfilter zou de poezenbakgeurtjes gaan filteren. Onzin natuurlijk want het zijn geen geurtjes maar geuren, wat zeg ik: een ongelofelijke rotstank! Dat zo'n klein lief beestje zo'n frontale chemische aanval kan aanrichten da's eigenlijk best knap vind ik. Maar gelukkig voor mijn neus hebben ze een filter voor slechts drie euro vijfentwintig maar dan moet ik het zelf nog wel op maat knippen. Nou goed dan. Benieuwd of het werkt... ik hou m'n neus vast!
Even een huishoudelijke mededeling: er zit een nieuwe reageerdinges op Heuvelachtig! Je kunt nu zien wie er gereageerd heeft op een weblogpost als je over de 'reactie-linkje' zweeft. Niet erg als je niet weet wat of dat dat is, gewoon blijven reageren.
Zaterdagavond ging de bel. Het was Schuinoverbuurmeisje. "Euhhh ... we zitten helemaal zonder ...", fluisterde ze geheimzinnig, "... en mijn vriend kan écht niet zonder. Dus ik wilde vragen of ik wat van jou kan, ehhh ... lenen?" Maar het toeval wilde dat ik zelf ook helemaal zonder zat, ik had zelfs mijn laatste pad opgemaakt, dus ik kon haar niet helpen. Teleurgesteld droop ze af. Toen ik vanmorgen in de lift Schuinoverbuurjongen sprak zag hij er monter uit. Ik informeerde naar de hoge nood van afgelopen weekend en hij knipoogde: het was hem gelukt om met tweelagig keukenpapier een heerlijke bak koffie te zetten!
Misschien vinden jullie dat het wel een beetje teveel van het goede is, twee films over schilders achter elkaar kijken, maar dan zeg ik op mijn beurt weer: "ja, nou èn?" En trouwens, de eerste ging over een schilderes en die van gisteren over een schilder. Dus waar bemoeien jullie je eigenlijk mee?

Het meisje op de foto is Scarlett Johansson die de rol speelt van Griet. Zij is het tot leven gewekte Meisje met de parel dat door Johannes Vermeer in 1665 werd vereeuwigd in een van zijn beroemdste schilderijen. Voor het plot enzo moeten jullie maar even op imdb kijken, maar ik kan wel vertellen dat het een zeer indrukwekkende film is geworden. De belichting en de kleuren zijn fenomenaal terwijl de scenes hun normale diepte — opzettelijk — lijken te missen door het gebruik van telelenzen. Hierdoor oogt de gehele film als een schilderij van Vermeer zelf. De acteurs spelen hun spel zeer subtiel en laten langzaam maar zeker de spanning oplopen; alsof de film een schilderij is dat tot leven komt. Een echte aanrader!
De rondweg is keidruk en het stoplicht blijft nog wel even stoplicht dus rust ik uit met mijn rechterhand op de paal met de knop. Aan de andere kant van de paal verschijnt ineens een hele grote ronde neger op een klein roze fietsje. Zijn enorme gezicht opent zich als de laadbak van een zandkiepauto en hij lacht op dezelfde manier als die man met dat kleine trompetje. Louis Armstrong ja. "Héé man!" roept hij vrolijk. Ik word meteen ook heel vrolijk van Louis en luister naar wat hij te zeggen heeft. "Ik moet naar hiero," giechelt hij en z'n dikke wijsvinger drukt op een een autokaart van Nederland. Het door zijn vinger afgedekte stuk kaart omvat in werkelijkheid minstens acht gemeenten.
"Dinteloord man! Dáár moet iek wezen!" Louis schatert het uit. Ik kijk hem geamuseerd aan maar ik kan niet zo snel op een goede reactie komen. "Hoe ver... is dat fietsen?" vraagt hij vriendelijk. "Dinteloord? Vanaf hier? Uurtje of drie, schat ik." Louis schatert het opnieuw uit, rijdt door rood, zich bijna te pletter op zijn roze fietsje en kijkt nog één keer om. "Bedankt hè, man!" Ik knik vriendelijk. Mijn dag is met een absurde hoeveelheid blijdschap begonnen.
Pindakaas...bliep...kattebrokjes...bliep...pondje kaas...bliep! Mijn boodschappen bliepten dat het een lieve lust was. Nadat de Chiquita's en de Braeburns als laatste hadden gebliept was het mijn beurt: met één zwierige beweging zwiepte ik mijn pinpas door de gleuf en 'bliep-bliep-bliep-bliep' ging de pincode. Samen wachtten de kassière en ik op de bevrijdende kassabon. Tapperdetap-tap... blieeeeeeeeep!
Er was iets niet in orde. Het meisje achter de kassa drukte op een knop en zei plechtig: “code twaalf.”
Ik fronste.
“Pas geblokkeerd.” voegde ze eraan toe.
Ik probeerde het nog een keer, maar zonder resultaat. Code twaalf. Grrr!!
Dan maar buiten proberen, in de geldautomaat. Maar die wilde mij ook niet uitbetalen! Het begon erop te lijken dat mijn centjes en ik gescheiden waren. En we kunnen niet zonder elkaar...
Ik liep terug de supermarkt in en bood mijn excuses aan voor het feit dat ze alle spullen weer moesten terugleggen. Daarna ging ik thuis de bank bellen om te achterhalen wat er aan de hand was. Ze vertelden me dat er waarschijnlijk een storing in de pinautomaat was opgetreden en dat de computer mijn pas uit voorzorg had geblokkeerd. Morgenochtend kon ik gewoon even langskomen op het bankfiliaal met een identificatiebewijs om de pas weer te laten de-blokkeren. De bankmevrouw liet het klinken alsof dat een daad van service was, maar zo voelde het helemaal niet. Met een zielig stemmetje vertelde dat ik nu geen boodschappen kon doen en dat ik héél erge honger had en toen moest ze lachen. Maar het was eigenlijk geen grap; je kunt écht geen kant uit zonder pinpas. Geen eten halen dus, niet met de trein reizen, niks.
Gelukkig had ik al afgesproken dat ik bij ‘moeders’ ging eten terwijl mijn overige avond-activiteiten niet van financiële transacties afhankelijk waren. Vanmorgen stond ik om negen uur bij de bank en om vijf over negen was ik weer voorzien van geld en wijze raad.







