Zoals jullie misschien weten ben ik dol op verbanden. En als ze er niet zijn dan leg ik ze gewoon zelf. Zo liep ik gisteren onverwacht degene tegen het lijf die mij drie jaar geleden drie weken dwars door Nepal loodste. Het was vreemd om hem in een kasteel in Geldrop te zien in plaats van in een tempel in Kathmandu. Hij was zeg maar euh... uit zijn verband gerukt.
Het deed me erg denken aan een ervaring die ik tien jaar geleden in Noorwegen had. Daar, op het noordelijkste puntje van Europa, stond ik vol ongeloof te kijken naar de kleurige relikwieën die eer betoonden aan koning Chulalongkorn de Grote van Thailand. Hij was de eerste Thaise koning die zich ooit buiten zijn eigen landsgrenzen begaf. In 1907 reisde hij zelfs naar de Noordkaap — in die tijd een kleine expeditie. De Noren vonden het zo'n bijzondere gebeurtenis dat ze op dat koude kale stukje rots een heus Thailand-museum bouwden.
Hoe kon ik toen weten dat ik ruim tien jaar later een reis naar het land van koning Chulalongkorn zou gaan maken?

Vanmorgen zag ik bij Goedemorgen Nederland een interview met Tim Dekkers, die een boek heeft geschreven over 20 jaar aidsvoorlichting in Nederland. De laatste jaren blijkt het aantal HIV-besmettingen van homo's die het zonder condoom doen weer te stijgen. Volgens Dekker gaan er stemmen op om onveilig vrijen dan maar helemaal te verbieden. "Verbieden helpt niet," zegt Dekkers, "maar wees niet niet bang om een ORAALridder te zijn."
Tijd op de wekker bij afgaan: geen opgave
Gaapgebeurtenissen tijdens het opstaan: 13441
Gevonden matching sokparen: 0
Gesmeerde boterhammen: 12
Sekonden rood licht van het fietsverkeerslicht bij de noordelijke rondweg: 95
Groen: 4
Nummer op voorbijrijdende bus 127: 126
Bijna-slippartijen op fiets: 1

Koekjes, brood, gedroogde mango en een thermosfles thee zouden ons op de been houden. Wachtend op de zeven hielden we angstvallig de noordelijke hemel in de gaten. Zou deze meteorologische dreiging onze wandelplannen weldra aan diggelen schoppen?
Opvallend veel bakkebaarden, cowboylaarzen en zelfs een paar stetsons waren te onderscheiden onder het publiek dat zich gisteren in het donkere achterzaaltje van Ekko in Utrecht had verzameld. Ze waren net als wij gekomen voor een avondje onvervalste hillbilly-muziek door het uit Tennessee afkomstige Hayseed Dixie.

Met ruimschoots voldoende bier achter de kiezen hingen de vier 'heren' hun gitaar, viool, mandoline en banjo voor en klommen op het kleine podium. Om daar al vanaf de eerste tel een ronkend en opzwepend staaltje fingerpicking ten gehore te brengen. Supersnelle bluegrass-uitvoeringen van AC/DC en Aerosmith covers werden afgewisseld met luidkeels gescandeerde preken van frontman Barley Scotch over het heerlijke leven als een redneck. Fat bottomed girls, veel bier hijsen en opvallend weinig nuance: dat vat het geheel wel samen. En fantastische bluegrass, natuurlijk, dat ook.
Een standaardmodel spijkerbroek wordt in Amerika ook wel een 'five pocket jeans' genoemd, naar het aantal broekzakken dat erin zit: twee achter en drie voor. Maar hoe heet nou die derde voorste, dat kleine zakje dat meestal in de rechter broekzak zit? En waar dient het voor, wat bewaart met erin? Vingers, iemand?
In mijn elektronische agenda staat voor vanmiddag een wit blok ter grootte van anderhalf uur ingevuld met de titel 'beoordelingsgesprek'. Ter voorbereiding hiervan heb ik deze ochtend doorgebracht met het lezen van de bijbehorende documentatie.
Zo heb ik geleerd dat wat op de werkvloer 'beoordelingsgesprek' heet, door het bedrijf een Employee Performance Summary & Development Plan wordt genoemd. En alsof dat nog niet genoeg is dient ook nog een Contract of Progress te worden opgemaakt en ondertekend. Want we gaan geen loze beloftes doen potverdikkie!
Het document begint in ieder geval al lekker pakkend:
De uitkomst van een succesvolle bijeenkomst tussen manager en medewerker kan als volgt worden verwoord: "ik begrijp hoe ik zal bijdragen aan het bedrijf en hoe de doelstellingen objectief worden beoordeeld aan de hand van kwantificeerbaar vastgelegde targets."
En in de alinea daarna staat te lezen:
De regels om doelstellingen te stellen zijn simpel, efficiënt en opgesteld volgens het Smart-principe: Specific, Measurable, Attainable, Realistic en Timely.
En dan zijn we nog maar op een kwart van de eerste pagina. Maar tjonge, wat heb er nu al ontzettend veel zin an!
Midden op de eettafel stond een grote kartonnen doos, vol met kinderboeken. Mijn moeder was aan het opruimen en had mijn eerste literaire verrichtingen opgegraven: Nijntje, Wipneus en Pim en Pietje Puk. De doos bevatte een virtuele tocht door de halfbewuste schimmen van mijn eerste herinneringen. Bladerend door de vergeelde kinderboekjes was ik weer heel even vijf jaar oud en lag ik op mijn zolderkamertje onder de dekens te lezen.
Een van de boekjes viel op. De kaft toonde een tekening van twee matroosjes in grote kookpotten. Eromheen stonden twee zwarte figuren met kralenkettingen en uitzonderlijk volle lippen. De titel was "Oki en Doki bij de negers" en de schrijver Henri Arnoldus. Ik citeer het verhaal even vanaf het punt dat de boot van kapitein Paf heeft aangemeerd bij het neger-eiland:
“Luistert goed, matroosjes. De boot blijft hier tot morgen liggen.”
De matroosje knikken.
“Maar... niemand mag van de boot af.”
[..]
“Waarom mogen we niet?” vraagt Oki.
“De negers zijn niet altijd aardig,” vertelt de kapitein.
Om een lang verhaal kort te maken; de ondeugende matroosjes Oki en Doki gaan toch aan wal, worden door een aantal grote en sterke negers gevangen genomen en in de kookpot gestopt. Kapitein Paf, de held, bemerkt al snel hun afwezigheid en neemt een geweer ter hand. Slechts één salvo is genoeg om de negers te laten vluchten zodat de matroosjes gered kunnen worden. Zij hebben hun lesje wel geleerd, zo besluit het boekje.
Het boekje werd voor het eerst in 1957 uitgegeven onder de naam "Oki en Doki bij de nikkers." Inderdaad, in die heerlijke jaren vijftig, toen alles nog niet zo ingewikkeld was...
Vermoedelijk was ik gisteren voor het eerst in mijn leven op zondag in de kerk. Want in de Nieuwe Kerk in Amsterdam - die toch alweer bijna 600 jaar oud is - wordt tijdens de wintermaanden een grote tentoonstelling georganiseerd over de cultuur en de geschiedenis van Marokko - die op z'n minst 5000 jaar omspant. Aan de enorme drukte kon je afleiden dat de islamitische cultuur zich in een grotere populariteit mag verheugen dan de publieke opinie doorgaans doet geloven. Eigenlijk was het iets té druk om op je gemak de prachtige sieraden, kunst- en gebruiksvoorwerpen en andere stukken uit talloze Marokkaanse musea te bekijken. Ze geven een idee van de onvermoede culturele en religieuze verscheidenheid van dit Noordafrikaanse land. Na afloop van de bezichtiging bleven we in stijl door muntthee en zoet gebak te nuttigen in het middenschip. Later waren koeskoes en tajine ons deel in een Marokkaans eethuisje tegenover de Nieuwe Kerk. Jee, je zou het bijna een themadag kunnen noemen!

Oh wat stom zeg! Vergeet ik helemaal over de Turkse baklava uit de Javastraat te vertellen. Kijk, het zat zo: afgelopen zaterdag moesten we de wandeletappe al na 11 kilometer afbreken wegens Hollandse appeltaart, Thaise garnalensoep en Chinese noedels onderweg. Maar omdat het zondag opnieuw prachtig weer ws gingen we gewoon verder waar we gebleven waren: op de Zeedijk. We wandelden via de Nieuwmarkt naar de Montelbaanstoren en verder naar het Oosterdok waar in de koffiebar van het technisch museum Nemo weer warm werden. De wandeling ging verder langs het lange Entrepotdok waar aan de overkant van het water de zebra's van Artis stonden te grazen alsof het allemaal maar heel gewoon was. Alsmaar rechtdoor tot aan het water en dan de brug over en de Dapperstraat in.
Hier begint de Indische Buurt die nu nóg meer dan vroeger de etnische diversiteit van Amsterdam laat zien: Turks brood en Marokkaanse damesmode naast Blokker en McDonald's. Het is vrij rustig op deze zondagmiddag en er zijn maar weinig klanten in de banketbakkerij van Saray in de Javastraat. We hebben dus alle tijd om rustig te kiezen uit de talloze soorten Turkse baklava. De heerlijke zoete geur van amandel en honing vult onze neusgaten en maakt het kiezen erg moeilijk. Maar het lukt ons uiteindelijk toch en we stappen even later de deur uit met een assorti deegwaren. Na het Javaplein wacht nog een stukje groen van het Flevopark waarna we met de tram weer huiswaarts keren. Ik zal verklappen dat de bak baklava het eind van de avond niet gehaald heeft...
Foto's van onze twee wandelingen van afgelopen weekend zijn hier te bezichtigen.

De carnavalswagens die gisteren nog in de Grote Optocht door de straten van Breda reden staan nu in de ochtendmist te wachten op hun naderende einde ...
Hoewel het slechts een paar kilometer van het centrum van Amsterdam ligt kun je Durgerdam alleen per belbus bereiken. We reserveren telefonisch en nemen de tram en de bus naar de afgesproken bushalte bij het Waterlandplein. Al na een paar minuten wachten komt er een klein taxibusje aanrijden; we zijn de enige passagiers op deze rit en we worden even later netjes bij het oude kerkje in Durgerdam afgezet. Het weer is helder en zonnig maar de wind blaast onze wangen snel koud. Daarom besluiten we de wandeling te beginnen met koffie, chocolademelk en een stuk taart in de Oude Taveerne. Daarna gaan we echt op pad.
Durgerdam is mooi, maar vlak ook de lange lintdorpen Schellingwoude en Nieuwendam niet uit. Ze zijn opgeslokt door het grote Amsterdam maar blijven een oase van rust middenin de grauwe betonwijken. Vooral in Nieuwendam staan fraaie houten huizen uit de zeventiende eeuw. Ter hoogte van de katholieke kerk verlaten we de dijk en lopen door het Vliegenbos naar de Vogelbuurt. Hier staan door Berlage ontworpen huizenblokken die rond 1920 voor de arbeiders werden gebouwd. Via de tot woongebied omgevormde dokken bij het IJ lopen we naar de aanlegplaats van het Adelaarswegveer dat ons in no-time overzet naar de zuidoever achter het centraal station.
Na de stationspassage staan we ineens middenin de zaterdagmiddagdrukte van de hoofdstad. Even schuifelen we met de drommen toeristen mee richting Damrak maar we slaan snel af om de beroemde (en nog niet zo heel lang geleden vooral beruchte) Zeedijk in te lopen. Eeuwenlang was dit de straat waar zeelui hun geld kwamen stukslaan; een straat met kroegen, hoeren en vechtpartijen. Later kwamen de criminelen, zakkenrollers en heroïnejunks. Na een grote schoonmaakoperatie een paar jaar geleden is het er nu rustiger. Hoewel: nog steeds vind je hier de bontste verzameling van Aziatische en exotische eethuisjes en kroegjes. De heerlijke geuren worden ons ter hoogte van nummer 77 teveel. We duiken bij het overvolle Thaise eethuisje Bird naar binnen voor een Tom Yam Koeng (pittige garnalensoep) en een portie Man Pla (kruidige viskoekjes). Binnen 10 kilometer van Holland naar Thailand, dat zie ik de KLM nog niet doen!
Na het laatste blokuur Engels zou hij nog even naar de bibliotheek in de stad fietsen. "Hé, wacht! Als je toch gaat, wil je dan deze cd voor me huren?" vroeg zijn schoolvriend terwijl de klas door de gang stommelde. Hij overhandigde hem een briefje waarop een titel en een uitvoerende stond geschreven. De jongen knikte en stopte het briefje in z'n zak. Op de bovenste etage van de bieb, waar een bescheiden collectie cd's stond, frommelde hij het papiertje uit elkaar en zocht in de rekken naar de cd: hij stond er, bij de R. Aan de uitleenbalie rekende hij een rijksdaalder af en stak het doosje in zijn schooltas.
Dat was 18 jaar geleden, de albumtitel op het briefje luidde 'Document' en de uitvoerende was R.E.M. En de jongen die 's avond stiekem de cd naar een cassettebandje kopieerde was ikzelf. Daar moest ik erg aan denken toen ik gisterenavond in Ahoy vanaf grote hoogte voor het eerst in mijn leven Michael Stipe zag staan. Sinds 1980 is hij de zanger van mijn ooit favoriete gitaarbandje uit Athens, Georgia. De band trapt af met 'Finest Worksong' en een betere opener hadden ze wat mij betreft niet kunnen kiezen. Het is namelijk de eerste track van het genoemde 'Document' en daarmee ook de eerste R.E.M-song die ik ooit hoorde.
Tot zover de trip down memory lane want de setlist voor deze avond bestond verder voornamelijk uit songs van de laatste paar platen. Weliswaar is dat niet echt mijn favoriete R.E.M-periode maar gelukkig spelen Stipe c.s. de op plaat enigzins bedaagde songs live een heel stuk krachtiger en bevlogener. Bovendien kiezen ze zeker het beste materiaal van de laatste jaren, waaronder 'The Wake-Up Bomb', 'Walk Unafraid' en 'Electron Blue'. Natuurlijk ontbreken ook de bekendere liedjes niet: een bloedstollend mooi gezongen 'Everybody hurts', een kwieke uitvoering van 'Losing my Religion' en lollige interpretatie van 'Man on the Moon'. Het publiek lijkt overigens alleen die laatste categorie te kennen en blijft het grootste deel van het concert vrijwel onbewogen staan. Maar dat mag mijn pret niet drukken. De stem van Michael Stipe maakte alles goed.
Heb je eindelijk je reisbestemming voor dit jaar vastgesteld dan breekt meteen ter plekke een hevige regeringscrisis uit. De koning van Nepal, Gyanendra, heeft op 1 februari alle macht naar zich toegetrokken en zijn regering afgezet. De reden is hun falende optreden tegen de Maoïstische rebellen die van Nepal een communistische staat willen maken. Ministers zijn onder huisarrest geplaatst en de noodstand werd uitgeroepen. Alle media worden gecensureerd, internet- en telefoonlijnen zijn geblokkeerd, evenals het vliegverkeer. De Verenigde Naties en Nepals belangrijkste bondgenoot India hebben zeer kritisch gereageerd op de gang van zaken. De komende dagen zal duidelijk worden of de koning voldoende overwicht heeft om de situatie onder controle te houden. Op de goddelijke status van zijn voorganger hoeft Gyanendra in ieder geval niet te rekenen.
Bah :-(






