Onze eerste wandeldag op het Vennenpad begint vochtig en broeierig. We lopen het slapende dorp Heeze uit en staan niet veel later voor de imposante poort van Kasteel Heeze. Helaas gaat de poort niet open voor ons en dus wandelen we maar langs de brede gracht om het kasteel heen. Het pad voert door de eeuwenoude Herbertusbossen naar de uitgestrekte Strabrechtse Heide, die we recht oversteken.

Terwijl we even pauzeren bij een picknickplaats aan de rand van de heide, begint de zon langzaam door de mist heen te breken. Het is nog steeds erg benauwd weer, maar we laten ons niet uit het veld slaan. We stappen door naar Geldrop, waar we de Kleine Dommel ontmoeten. De route, die dwars tussen de Geldropse bebouwing loopt, is niet erg fraai, maar gelukkig komen we vrij snel aan bij het tweede kasteel van vandaag!
Kasteel Geldrop is geen onbekend terrein voor ons: we zijn er al twee keer eerder binnen geweest. Op dit moment gaat onze aandacht echter uit naar een bijgebouw van het kasteel: het koetshuis, waarin sinds een paar maanden een eetcafé is gevestigd. We strijken neer op het zonovergoten terras en bestellen soep met brood. Het smaakt bijzonder goed.

Het tweede deel van de wandeling is een stuk groener dan het eerste. We schampen Eindhoven bij het Eindhovens Kanaal en volgen daarna de Kleine Dommel door de Urkhovense en Collse Zeggen, een beekdalmoeras dat net zo fraai is als zijn naam. Na het passeren van de Collse watermolen (die in 1884 door Vincent van Gogh werd vereeuwigd) en komen we aan in bij gehucht Eeneind. Het is nu nog ruim een uur wandelen naar het centrum van de Brabantse Lichtstad.
We parkeren de auto aan de rand van Eindhoven en pikken het Vennenpad op bij de brede Europalaan. Het begint meteen goed met een prachtig pad dat net zo kronkelt als de rivier ernaast. Na het verlaten van de laatste bebouwing genieten we van de onverwachte uitgestrektheid van het Dommeldal. Ons richtpunt is het kerkje van Nederwetten, dat we links passeren om even later in Breugel aan te komen.

Het is prachtig weer en we eten onze meegebrachte lunch op terwijl we worden bekeken door geiten, herten en zelfs een lama. Het stuk door het kleine bos de Sonse Bergen is bijzonder fraai. Om de hoek passeren we Thermae Son, een bekende pleisterplaats. We beloven elkaar dat we hier binnenkort weer eens op bezoek gaan.
Bij Wolfswinkel lopen we een saai stuk langs de provinciale weg naar Sint-Oedenrode, maar even verderop, als we over de beboste steilrand bij de Vresselse Akkers wandelen, zijn we dit leed weer snel vergeten. Het landschap is weer erg fraai hier.
Dan betrekt plots de hemel: er verschijnen donkere wolken waaruit al snel dikke druppels vallen. We lopen in draf naar een verderop gelegen boerderij waar we onder het uitstekende dak van een stal schuilen tot de bui over is. We gaan weer op weg, maar helaas worden we bij het vennengebied de Hazenputten opnieuw door slecht weer overvallen: het begint te stortregenen en bovendien barst er boven ons een hevig onweer los.

Na een half uur geschuild te hebben gaan we toch maar weer op pad. Moe en doorweekt komen we aan bij de Moerkuilen, een groot ven. De regen houdt eindelijk op maar de lucht blijft donker en dreigend. In rap tempo lopen we de laatste paar kilometer tot we op de Markt in Sint-Oedenrode staan, het eindpunt van vandaag.
Alsof de duivel ermee speelt is er voor vandaag opnieuw zwaar onweer voorspeld. Volgens de weerberichten zou het slechte weer pas in de loop van de middag arriveren, dus we gokken op een mooie ochtendwandeling naar Boxtel. De af te leggen afstand is minder dan twintig kilometer en we kunnen vroeg vertrekken: de eerste bus van Eindhoven naar Sint-Oedenrode gaat al rond acht uur.

Na het oversteken van de Dommel in Sint-Oedenrode raken we het contact met deze laaglandbeek weer even kwijt. Een eindje voor Olland steken we de verbindingsweg Hoogeind over en slaan het laarzenpad in dat pas een paar jaar geleden is aangelegd. Dit zeer fraaie natuurpad loopt dwars door het lichtglooiende akkerland van het Dommeldal en treft de rivier bij een ruime, uitgesleten bocht. Het is inmiddels flink benauwd geworden en we houden een korte drinkpauze.
Na het oversteken van het spoor van het Duitse Lijntje duiken we het vochtige loofbos De Geelders in. Staatsbosbeheer heeft hier de afgelopen jaren hard gewerkt om van dit gebied een zo natuurlijk mogelijk 'oerbos' te maken. Dode bomen en takken worden niet opgeruimd om zo een rijke voedingsbodem te creëren voor insecten, mossen en paddenstoelen. Er is een leuke kruip-door-sluip-doorwandeling uitgezet waarmee we zeker een uur zoet zijn.

Als we om een uur of één Boxtel naderen komt het beloofde onweer ons al tegemoet. De lucht in het oosten kleurt donkerpaars en het gaat onstuimig waaien. Nog net op tijd ploffen we moe en voldaan neer op het overdekte terras van de Kleine Aarde. Hier genieten we van een overheerlijke, geheel biologische lunch. Alleen al om het eten zou je hier graag terugkomen!
Wonder boven wonder houden we het droog tot de laatste honderd meter naar het station van Boxtel. Terwijl dikke regendruppels neerdalen rennen we van luifel naar afdak om even later, met relatief weinig waterschade, in de stoptrein naar Eindhoven te stappen.
Het stuk Vennenpad dat de stations van Boxtel en Oisterwijk met elkaar verbindt is voor ons een gebaand pad. Minstens drie keer eerder hebben we dit stuk gelopen, telkens onder andere weersomstandigheden en in verschillende jaargetijden. En het blijft een prachtige wandeling!
Vanuit de bebouwde kom van Boxtel lopen we snel naar het gehucht Roond, dat aan de rand van de Kampina ligt. Hier begint een oud kerkpad dat uitkomt op een kruispunt van vier lange dreven. We nemen de Melaniedreef die ons op de grote heide van de Kampina brengt.

Het weer is aangenaam en we genieten van de rust op de stille heide. We zijn vandaag aan het trainen voor de trektocht die we over vier weken in Noorwegen gaan maken. Daarom hebben we onze grote rugzakken omgehangen, nadat we die op gewicht hebben gebracht voor de geplande tocht.
Dit traject is een dubbeltractatie: na de weidse open vlakte van de Kampina duikt het pad de schaduwrijke dennenbossen van Oisterwijk in, waar het bospad tussen talloze vennen en vennetjes kronkelt. Aangekomen bij het Goorven halen we herinneringen op aan afgelopen december, toen het ven helemaal dichtgevroren was en we te voet konden oversteken. Vandaag moeten we omlopen, maar dat is ook geen straf.

Na een ontspannen tocht ploffen we neer op een bankje bij het gezellige boscafeetje de Venkraai. Onder het genot van een drankje evalueren we onze rugzakervaring en we komen tot de conclusie dat het draagcomfort een beetje tegenvalt. We besluiten dat we snel op zoek gaan naar beter materiaal voor de Noorse bergtocht.
